Wethouder: ‘We zijn nog niet uitgeleerd'

Kruispunt De Puntdinsdag 04 november 2008

De gemeente Barneveld moet nog veel leren in de communicatie met de wijkplatforms. Verwachtingen moeten op elkaar worden afgestemd en ‘nee’ is ook een geldig antwoord op een verzoek van een platform.

Dat bleek maandag uit een reactie van wethouder Leen Verweij tijdens de commissie Samenleving. Omdat wijkplatform De Burgt zich recent heeft opgeheven uit frustratie over communicatie met de gemeente en de trage gang van zaken, had Pro’98 het punt ‘positie wijkplatforms’ op de agenda laten zetten. Verweij stelde vast dat er geen onduidelijkheid hoeft te bestaan over de positie, die is volgens hem helder verwoord in een notitie. Wijkplatforms zijn geen derde bestuurslaag, maar ‘ogen en oren’ in de wijk voor gemeente, politie en woningstichting.

De politiek ging dan ook vooral in op de problemen met platform De Burgt. Verweij legde uit dat hij al langer bezig is met het verbeteren van de communicatie. Zo heeft hij een stuurgroep in het leven geroepen waar langlopende en ingewikkelde problemen aan de orde komen. Zelf is Verweij voorzitter van die stuurgroep. ,,Daarmee moet de aanpak van actiepunten beheersbaar zijn’’, reageerde hij op een vraag van VVD-raadslid Jan-Willem van den Born of de gemeente alle wensen van de platforms wel aankan. ,,In een aantal gevallen moeten we samen iets meer leren dat we reëel zijn in het scheppen van verwachtingen. Misschien dat we in een aantal gevallen meer moeten leren om ‘nee’ te zeggen. En om te vertellen waarom iets niet doorgaat. We zijn nog niet uitgeleerd.’’

Verweij wees erop dat Barneveld met haar achttien wijkplatforms in Nederland ,,aardig voor de troepen’’ uitloopt. ,,Je hebt niet altijd gelegenheid te leren van experimenten elders. We moeten als gemeente leren om samen meer grenzen te stellen. Dat we per jaar een bepaald aantal actiepunten afwerken. Dat is een dilemma, omdat het demotiverend kan werken voor enthousiaste vrijwilligers.’’

Verweij noemde het hondenpoepbeleid als voorbeeld van iets waar de verwachtingen van het platforms verkeerd waren. De invoering daarvan liep door tussenkomst van de gemeenteraad heel anders dan de wijkplatforms hadden geadviseerd. ,,Onbedoeld zijn verwachtingen gewekt dat hun advies unaniem overgenomen zou worden.’’

Gert Ploeg (SGP) stelde vast dat de wethouder ,,rijkelijk lang’’ had gewacht met het werken aan een oplossing voor wijkplatform De Burgt. Op 24 april stelde de partij de strubbelingen al aan de orde, maar pas op 11 september kwam het in de stuurgroep ter sprake, zo bleek uit de beantwoording van Verweij. ,,Het heeft even tijd nodig gehad om op gang te komen’’, verweerde de wethouder zich.

 Monique Rosbergen (Pro’98) riep de wethouder op meer korte lijnen te zoeken als het om communiceren gaat. ,,U kunt toch ook bellen?’’ Zo bleek dat het college nog altijd niet heeft gereageerd op de opheffingsbrief van De Burgt. ,,Er is wel ambtelijk contact geweest’’, aldus Verweij. Na afloop verklaarde voormalig Burgtplatformlid John Jaspersen dat ‘ambtelijk contact’ in dat verband een telefoontje van een ambtenaar was geweest over een lopende kwestie in de wijk met als bijzin ‘jammer trouwens dat jullie stoppen’.

Volgens Rosbergen had Verweij veel problemen kunnen voorkomen door tijdig het platform te contacten en af te stemmen of men het over hetzelfde had. Ze doelde daarbij op een kennelijk misverstand dat er tussen gemeente en wijkplatform was ontstaan toen de gemeente vlak voor de opheffing van het platform aanbood om rond de tafel te gaan zitten met de ‘hoogste eindverantwoordelijke’ wethouder. Dit terwijl De Burgt juist met vertegenwoordigers van CV De Burgt wilde praten. CV De Burgt is de samenwerkingsvorm tussen gemeente en projectontwikkelaars die gevormd is om De Burgt te ontwikkelen. Veel problemen stranden omdat niet duidelijk is wie waar voor verantwoordelijk is. Dat Tijmensen als projectwethouder ‘de hoogst verantwoordelijke’ is om mee te praten en dat zo ook CV De Burgt op een juiste manier deelnam aan het gesprek, was het platform onvoldoende duidelijk gemaakt, meende Rosbergen.

Verweij haastte zich te zeggen dat ‘De Burgt’ een ,,apart verhaal’’ is, maar dat de afhandeling van actiepunten elders ,,zeker een goede voldoende’’ haalt. ,,We moeten niet de indruk wekken dat het modderjaren zijn geweest. Er zijn ongekend veel dingen bereikt, zelfs in De Burgt.’’

Bron: Barneveldse krant

Archief > 2008 > november